|
| ||
| 22 | Brandstofvoorziening, carburateur | bladzijde |
| - Carburateur -2B5- en aanzuigbuis uit- en inbouwen | 22- 1 | |
| - Onderdrukdoos van luchtfilter controleren | 22- 6 | |
| - Temperatuurregelaar van luchtfilter controleren | 22- 7 | |
| Carburateur -2B5- repareren | 22- 8 | |
| - Bovenstuk carburateur | 22- 9 | |
| - Carburateur huis | 22-11 | |
| - Onderstuk carburateur | 22-13 | |
| - Carburateur afstelaeaevens | 22-14 | |
| - Onderdelen carburateur | 22-15 | |
| - Plaats van sproeiers | 22-16 | |
| - Stationair toerental afstellen | 22-20 | |
| - Stationair toerental en CO-waarde controleren en afstellen | 22-21 | |
| - Basisinstelling van gasklep (eerste trap uitvoeren | 22-26 | |
|
| 22-28 | |
| - Basisinstelling van qasklep (tweede trap uitvoeren | 22-30 | |
| - Chokeklepspleet afstellen | 22-32 | |
| - Inspuithoeveelheid controleren en afstellen | 22-35 | |
|
| 22-37 | |
| - Onderdruk reservoir op lekkage controleren | 22-37 | |
| - Pull downdoos op lekkage controleren | 22-38 | |
| - Onderdrukaansluitingen | 22-40 | |
|
|
| |
|
|
| |
| 28 | Ontstekingssysteem | bladzijde |
| Transistorontsteking met Hall-voeler repareren | 28- 1 | |
| Afstelgegevens. bougies | 28- 7 | |
| - Gegevens verdeler | 28- 8 | |
| - Voorzoras- en veiligheidsmaatregelen | 28- 9 | |
| - Verdeler inbouwen | 28-10 | |
| - Ontstekingstijdstip controleren en afstellen | 28-12 | |
| - Verdeler controleren | 28-16 | |
| A - Onderdrukdoos -laat- op lekkage controleren | 28-16 | |
| B - Onderdrukdoos -vroeg- op lekkage controleren | 28-17 | |
| C - Instelling ontstekingstijdstip met BDP-voeler controleren | 28-18 | |
| a- Centrifugaalvervroeqing controleren | 28-18 | |
| b - Onderdrukinstelling -vroeg- controleren | 28-19 | |
|
| 28-21 | |
| D - Instelling van ontstekinqstijdstip met stroboscooplamp controleren | 28-22 | |
| a - Centrifugaalvervroeging controleren | 28-22 | |
| b - Onderdrukinstelling -vroeg- controleren | 28-24 | |
| c - Onderdrukinstelling - laat- controleren | 28-26 | |
| - schakelapparaat stat. toerentalstabilisatie controleren | 28-27 | |
| - Transistorontstekino met Hall-voeler controleren | 28-28 | |
|
| 28-29 | |
| B - Hall-voeler controleren | 28-31 | |
| - Afdekring uit- en inbouwen | 28-32 | |
|
|
| |

Carburateur -2B5- en
aanzuigbuis uit- en inbouwen
Aanwijzing:
• Inbouwstand luchtfilterhuis >> afb. 4.
• Onderdrukdoos van het luchtfilter
controleren >> blz 22-6.
• Temperatuur regelaar van het luchtfilter
controleren >> blz. 22-7.
• Pakkingen en afdicht ringen altijd vervangen.
• Slangverbindingen zijn met schroef- of
veerklemmen vastgezet.
• Veer klemmen altijd vervangen door
schroef klemmen.
onderdruk reservoir
• op lekkages controleren >> Blz. 22-37
- aansluiting naar pulldowndoos
terugslagklep
• zwarte aansluiting naar
onderdrukreservoir
4 — naar brandstofmeter
(ECON)
5 — naar verdeler Onderdrukdoos
- aansluiting alleen op voertuigen met
airconditioning
- aansluiting naar rembekrachtiger
- carburateur - 2 85 -
- aansluiting van brandstoftoevoer
- afdichtring
• vervangen
- pakking
• vervangen
-25Nm
-10Nm
- aanzuigbuis voorverwarming
• controleren >> afb. 1

15—pakking
• vervangen
16—afdichtring
• vervangen
17 — aanzuigbuis
16—flens
19— aansluiting naar temperatuurregelaar
in het luchtfilter
20—afdichtring
• vervangen
21 — thermoschakelaar voor automatische
choke
• controleren => afb. 2
22— thermoschakelaar voor aanzuigbuis
voorverwarming
• controleren => afb. 3
Afb. 1 Aanzuigbuis voorverwarming controleren
Voorwaarde:
— Spanningsverzorging ten minste 11,5 V
motor koud.
— Weerstand tussen aansluitkabel en massa meten.
Voorgeschreven waarde: 0,25 ... 0,50 OHM
Afb. 2 Thermoschakelaar voor automatische choke
controleren
(de stekers hebben een rode isolatie)
Voorgeschreven waarde:
onder ca. 30' C = ca. 0 OHM
boven ca. 40° C = ~ OHM

Afb. 3 Thermoschakelaar voor aanzuigbuis
voorverwarming controleren
(De stekers hebben een licht gekleurde isolatie)
Voorgeschreven waarde:
onder ca. 50* C = ca. 0 OHM
boven ca. 55' C = ~ OHM
< Afb. 4 Inbouwstand luchtfilterhuis
— Pijl wijst naar tapeind

Onderdrukdoos van luchtfilter controleren
Attentie!
De regelklep dient soepel beweegbaar te zijn.
Motor koud
- Aanzuigslang koude lucht van luchtfilter lostrekken.
•< - Stand van de regelklep controleren (toevoer warme
lucht moet gesloten zijn).
-< — Onderdrukslang van de Onderdrukdoos verbinden
met de aansluiting van de carburateur.
Aanwijzing:
Luchtfilter werd alleen om fototechnische redenen
losgemaakt.
— Motor starten en stationair laten lopen. De regelklep
moet ervoor zorgen dat de toevoer van de warme
lucht wordt geopend.
— Onderdrukslang van de Onderdrukdoos verwijderen.
De regelklep moet ervoor zorgen dat de toevoer van
de warme lucht wordt afgesloten.

Temperatuurregelaar van luchtfilter controleren
(enkelvoudige regelaar)
• Onderdrukdoos in orde.
• Regelklep beweegt soepel.
• Motor koud.
— Motorstallen en stationair laten lopen.
— Onderdrukslang van de Onderdrukdoos aftrekken.
In de onderdrukslang moet onderdruk (voelbaar)
aanwezig zijn.
— Regelklep moet toevoer van de warme lucht afsluiten.
- Verwijderde onderdrukslang weer op Onderdrukdoos
bevestigen; hierbij op regelklep letten.
Toevoer warme lucht moet geheel geopend zijn.
- Onderdrukslang van de Onderdrukdoos aftrekken. De
regelklep moet de toevoer van de warme lucht ineens
afsluiten.
Bij warme motor:
afhankelijk van de omgevingstemperatuur van de
temperatuurregelaar moet de toevoer van de warme
lucht geheel of gedeeltelijk gesloten blijven.

Carburateur-2B5- repareren
I — Bladzijde 22-9
II— Bladzijde 22-11
III— Bladzijde 22-13
Aanwijzing:
• Onderdruksysteem pulldowninrichting
>> blz. 22-37.
• Basisafstelling van de gasklep (eerste trap)
uitvoeren => blz. 22-26.
• Basisafstelling van de gasklep (tweede trap)
uitvoeren => blz. 22-30.
• Plaats van de sproeiers => afb. 1, 2 en 3.
• Alle bewegende delen van de carburateur
met MoS2-vet insmeren.
• Borgplaat en pakkingen Dij elke reparatie
vervangen, O-ringen alleen wanneer ze
beschadigd zijn.

1 — stationaire luchtsproeier voor
overgangsreserve
2 — stationaire brandstof / luchtsproeier
tweede trap
3— pomphefboom
4 — hoofd sproeier, tweede trap
5— vlotternaaldklep
6—vlotter
• afstellen
- toten met04-1982=>afb. 4
- vanaf 05-1982 => afb. 2
7— stelmoer voor het instellen van de
mengselhoeveelheld
• controleren en afstellen => blz. 22-35
9—pakking
• vervangen
10— pen
• van binnen naar buiten tikken
22-9

11 — hoofdsproeier, eerste trap
12 —5Nm
13— aansluiting voor brandstoftoevoer
14 — extra brandstof-/luchtsproeier
15 — stationaire brandstof-/luchtsproeier,
eerste trap
16—bovenstuk carburateur
• na demontage stationair toerental bij
koude motor afstellen

2 — afdichtring
• vervangen
3 — thermopneumatische klep
• controleren => afb. 7
5 — automatische choke
• afstellen => afb. 6
6— beschermkap
• chokeklepspleet afstellen => blz. 22-32
7—Inspuitpijpje
* spuitrichting niet instelbaar
8 — lagerring
* krachtig indrukken
9—pompzulger
10— pompmanchet
11 — drukveer
12— stationaire brandstofsproeier voor
overgangsreserve
13 — Onderdrukdoos, tweede trap
14—steun
15— carburateurhuis
# na demontage stationair toerental bij
koude motor afstellen
16— pulldowndoos
17—pakking
* vervangen

1 — stelschroef stat.
• afstellen => blz. 22-20
2 — afdichtring
• bij beschadiging vervangen
3 — pakking
• vervangen
4 — stelschroef stat. toerental bij koude
motor
• afstellen => blz. 22-28
5 — onderstuk carburateur
• na demontage stationair toerental bij
koude motor afstellen
6 — CO-stelschroef
• afstellen => blz 22-21
7 — dop
• bij beschadiging vervangen
8— 10 Nm
9 — circulatie uitschakelklep, 5 Nm
Carburateur afstelgegevens
| Code | WN | WN |
| Motor Introductie | 1,9 L - 85 kW | 1,9 I - 85 kW 08-1982 |
| Carburateur Type Onderdeelnummer: | 2B5 035 129 015 G 035 129 015 H | 2B5 035 129 015 G |
| Stationair toerental bij koude motor 1/min Inspuiting (vertraagd) cm3/slag chokeklepspleet mm | 3600 ± 100 150± 0,15 3,6 ± 0,15 | 3600± 100 150 ± 0,15 4,04+ 0,15 |
| Afstelling stationair toerental1! Toerental l/min CO-waarde vol. % | 800 - 50 | 800 - 50 |
' Met test- en afstelvoorwaarden rekening houden => blz. 22-21
Onderdelen Carburateur
(voor voertuigen met handgeschakelde of automatische versnellingsbak)
| Code | WN | WN | ||
| Motor Introductie | 1,9 L - 85 kW | 1,9 I - 85 kW | ||
| Carburateur | 2B5 035 129 015 G | 2B5 035 129 015 G 035 129 015 H | ||
| Onderdelen carburateur trap | I | n | I | II |
| Venturi 0 mm Hoofdsproeier Remluchtsproeier met mengbuis Stationaire brandstofsproeier Stationaire luchtsproeier Extra brandstofsproeier Extra luchtsproeier Stationaire luchtsproeier voor overgangsreserve Stationaire brandstofsproeier voor overgangsreserve Vlotternaaldklep 0 mm Inspuitpijpje 0 mm Verrijkingsklep Afstel waarde vlotter mm | 24 28 205 95 2,0 2,0 2 X 0,4 | 2 x 0,55 100 | 24 28 X 115 X 122,5 135 115 45 40 130 130 42,5 130 205 95 2,0 2,0 2x0,4 | 2x0,55 85 | ||
22-15
Plaats van sproeiers
Afb. 1 Plaats van de sproeiers in het bovenstuk
carburateur
1/2— extra brandstof-/luchtsproeier.
3 — remluchtsproeier met mengbuis, eerste trap
(niet uitschroefbaar).
4 — stationaire brandstof-/luchtsproeier, eerste trap.
5 — stationaire brandstof-/luchtsproeier, tweede
trap.
6 — remluchtsproeier met mengbuis, tweede trap
(niet uitschroefbaar).
7 — stationaire luchtsproeier voor
overgangsreserve.
Afb. 2 Plaats van de hoofdsproeiers
8 — hoofdsproeier, eerste trap.
9 — hoofdsproeier, tweede trap.


< Afb. 3 Plaats van de sproeiers in het onderstuk
carburateur
10 — stationaire brandstofsproeier voor
overgangsreserve.
11 — Verrijkingsklep.
Afb. 4 Vlotter afstellen
(tot en met 04-1982)
Bovenstuk carburateur 45 graden laten hellen. Vervolgens
vlotter afstellen.
Veerpen van de vlotternaaldklep mag niet in elkaar zijn
gedrukt.
Voorgeschreven waarde:
eerste trap: a = 28 ± 1 mm
tweede trap: a = 30± 1 mm

< Afb. 5 Vlotter vanaf 05-1982 niet afstelbaar
< Afb- 6 Automatische choke afstellen
Markeringen moeten overeenstemmen.

Afb. 7 Thermopneumatische klep voor tweede trap
controleren
Voorgeschreven waarde:
onder ca. 48° C = geringe doorgang
boven ca. 58° C = volledige doorgang
Door de extra boring 0 0,15 mm (bypassboring) in de
thermopneumatische klep wordt de gasklep van de
tweede trap in koude toestand zeer langzaam geopend.
< Afb. 8 Brandstoffilter voor carburateur
In de brandstofleiding tussen de terugslagklep en de
carburateur is een filter ingebouwd. In dit filter blijven
eventueel aanwezige verontreinigingen achter.
Daarom mag het filter niet worden vervangen.
Wanneer filter moet worden vervangen, gehele
brandstofleiding vernieuwen.
Stationair toerental afstellen
Het stationair toerental dient als volgt te worden
afgesteld:
Test- en af stol voorwaarden
• Olietemperatuur ten minste 60 graden C.
• Elektrische verbruikers uitgeschakeld.
• Slang voor carterontluchting van kleppendeksel
aftrekken en aan luchtfilterzijde afsluiten.
• Airconditioning uitschakelen.
• Afstelling gaskabel in orde (voertuigen met
automatische versnellingsbak).
• Dop verwijderen.
Attentie!
Testapparaat alleen aansluiten wanneer contact is
uitgeschakeld.______________________________

Stationair toerental en CO-waarde controleren en
afstellen
— Testapparaat volgens gebruiksaanwijzing aansluiten.
Attentie!
Er dient goed op te worden gelet, dat de BDP-voeler
van het Testapparaat tot aan de aanslag in de
versnellingsbak wordt gestoken._________________
- Voor aansluiting aan klem 1 van de bobine hulpklem
gebruiken.
- Beide stekers van het schakelapparaat stat. toeren-
talstabilisatie aftrekken en met elkaar verbinden.
Schakelapparaat stat. toerentalstabilisatie in
waterkast, vanaf modeljaar 1982 bij traverse in
dashboardkastje.
- Testapparaat volgens gebruiksaanwijzing aansluiten.

— Chokeklep helemaal geopend.
< — Gasklep bedienen en trapschijf -a- van de koudestar-
tinrichting zo verdraaien, dat de begrenzingsbout -b~
niet op de trapschijf steunt.
— Stationair toerental en CO-waarde controleren.
Voorgeschreven waarde:

stationair toerental:
CO-waarde:
800 - 50/min
1,0± 0,2 vol. %
Stationairtoerental eventueel afstellen op de
voorgeschreven of ingestelde waarde door
beurtelings de stelschroeven te verdraaien. Hierbij
mag de koelventilator van de radiateur niet draaien.
- Stelschroef stationairtoerental
< — Stelschroef CO-waarde.
- Beide stekers van het schakelapparaat
stat. toerentalstabilisatie scheiden en weer op het
schakelapparaat stat. toerentalstabilisatie aansluiten.
Schakelapparaat stat. toerentalstabilisatie in
waterkast, vanaf modeljaar 1982 bij traverse in
dashboardkastje.
- Motor starten en toerental even verhogen (gas geven).
- Zo nodig CO-waarde nogmaals op voorgeschreven
waarde afstellen.
— Na het afstellen nieuwe dop op stelschroef
aanbrengen.
Aanwijzing:
Na het afstellen van de CO-waarde moet de slang
voor de carterontluchting weer worden vastgemaakt.
Wanneer de CO-waarde nu stijgt, ligt dat niet aan een
verkeerde afstelling, maar wordt dat veroorzaakt door
een rijker mengsel als gevolg van de bij veel
stadsverkeer ontstane olieverdunning in het carter. Bij
lange, vlotte ritten verdampt de brandstof uit de olie
en normaliseert de CO-waarde zich weer. Hetzelfde
resultaat wordt ook kortstondig bereikt door het
verversen van de olie. Of door een sportieve rit van
ongeveer een half uur.
22-25
Basisafstelling van gasklep (eerste trap) uitvoeren
Aanwijzing:
De begrenzingsbout -a- is op de fabriek afgesteld en
deze afstelling mag niet worden veranderd. Mocht de
bout toch zijn verdraaid of mocht het gasklepgedeelte
zijn gedemonteerd of de pakking van het
gasklepgedeelte zijn vernieuwd, dan dient de
begrenzingsbout als volgt te worden afgesteld:
— Luchtfilter uitbouwen.
— Olietemperatuur minimaal 60 graden C.
■< — Begrenzingsbout -a- losschroeven, totdat er een
spleet tussen de begrenzingsbout en de aanslag
aanwezig is.
Aanwijzing:
Eerst dop verwijderen (kapot maken). Na het afstellen
nieuwe dop gebruiken.
— Gasklep snel openen en sluiten.
22-26

— Begrenzingsbout -a- erin draaien, totdat deze de
aanslag raakt.
Aanwijzing:
Dun papier tussen de begrenzingsbout en de aanslag
leggen om het aanslagpunt van de begrenzingsbout
precieste bepalen.
Aanslagpunt bepalen door het papier continu te
verschuiven en tegelijkertijd de begrenzingsbout vast te
draaien.
- Vanaf dit punt met 1/4 draai verder vastzetten.
- Stationair toerental en CO-waarde afstellen.
Stationair toerental bij koude motor controleren
en afstellen
— Olietemperatuur minimaal 60* C.
— Toerenteller aansluiten.
— Kap luchtfilter verwijderen.
— Dop van begrenzingsbout verwijderen.
— Gasklep openen, chokeklep helemaal sluiten.

- Gasklep loslaten (begrenzingsbout staat dan in de
hoogste stand van de trapschijf).
- Chokeklep loslaten (moet helemaal geopend zijn).
- Motor zonder intrappen van het gaspedaal starten.
- Toerental controleren en zo nodig met
begrenzingsbout afstellen.
Voorgeschreven waarde:
handgeschakelde versnellingsbak: 3600 ± 100/min
automatische versnellingsbak: 3700 ± 100/min
Aanwijzing:
Indien de begrenzingsbout in de hoogste stand van de
trapschijf staat, is de begrenzingsbout moeilijk
bereikbaar.
Daarom tijdens het afstellen de gasklep kort bedienen en
bout op gevoel verdraaien. Vervolgens controle van het
stationaire toerental bij koude motor herhalen.
Basisafstelling van gasklep (tweede trap)
uitvoeren
Aanwijzing:
De begrenzingsbout -a- is op de fabriek afgesteld en
deze afstelling mag niet worden veranderd. Mocht de
bout toch zijn verdraaid, dan dient de begrenzingsbout
als volgt te worden afgesteld:
— Carburateur uitbouwen.
— Chokeklep helemaal openen.
— Gasklep van eerste trap op stationair toerental
- Dop van de begrenzingsbout -a- verwijderen.
- Begrenzingsbout -a- losschroeven, totdat er een
spleet tussen de begrenzingsbout -a- en de aanslag
-b- aanwezig is.

— Trekstang van Onderdrukdoos loshaken.
— Lager- en hefboomspeling compenseren door lichte
druk op de gasklephefboom richting gasklep uit te
oefenen.
— Begrenzingsbout -a- vastdraaien, totdat deze de
aanslag -b- raakt.
Aanwijzing:
Dun papier tussen de begrenzingsbout en de aanslag
leggen om het aanslagpunt van de begrenzingsbout
precies te bepalen.
Aanslagpunt bepalen door het papier continu te
verschuiven en tegelijkertijd de begrenzingsbout vast te
draaien.
— Vanaf dit punt met Va draai verder vastzetten.
— Dop op begrenzingsbout aanbrengen.
— Trekstang van Onderdrukdoos aanbrengen.
— Stationairtoerental en CO-waarde afstellen.
Chokeklepspleet afstellen
Attentie!
Voorwaarde is een dichte pulldowninrichting.
- Luchtfilter uitbouwen.
- Automatische choke afschroeven.
- Beschermkap van stelschroef verwijderen en
automatische choke weer bevestigen.

- Y-stuk van bovenste slang van de pulldowndoos
verwijderen en onderdrukslang afsluiten.

- Onderdrukslang van carburateur aftrekken.
Niet van de pulldowndoos aftrekken.
Gevaar voor beschadiging en verlies van calibrering.
- Onderdruk-meetapparaat tussen carburateur en
verwijderde onderdrukslang aansluiten en op
doorstroming (A-B) zetten.
- Motor starten en stationair laten lopen, totdat het
onderdruk-meetapparaat ca. 400 mbar aangeeft.
- Onderdruk-meetapparaat 20 schakelen dat de
onderdruk op de pulldowndooszijde constant blijft (B).
- Contact uitschakelen.
- Onderdruk bij het meetapparaat op 200 mbar instellen.

- Gasklep bedienen en trapschijf -a- van de
koudestartinrichting zo verdraaien, dat de
begrenzingsbout -b- op in de hoogste stand van de
trapschijf staat.
- Chokeklepspleet met spiraalboor of cilindrisch voeler-
maatje meten.
Voorgeschreven waarde:
handgeschakelde versnellingsbak: 3,6 ± 0,15 mm
automatische versnellingsbak: 3,4 ± 0,15 mm

- Chokeklepspleet bij de stelschroef -pijl- afstellen.
Inspuithoeveelheid controleren en afstellen
— Carburateur uitbouwen.
— Trechter en maatglas onder de carburateur houden.
— Gasklephefboom 10 keer langzaam openen
(minimaal 3 s/slag).
— Afgelezen waarde van de ingespoten hoeveelheid
door 10 delen en met voorgeschreven waarde
vergelijken.
Voorgeschreven waarde:
handgeschakelde versnellingsbak en
automatische versnellingsbak: 1,50 ± 0,15 cm3
< — Inspuithoeveelheid met stelmoer-a-afstellen
+ = grotere inspuithoeveelheid
- = kleinere inspuithoeveelheid
— Stelmoer -a- na het afstellen met borglak borgen.
Indien de vereiste inspuiting niet wordt bereikt:
pompzuiger en pompmanchet controleren, terugslagklep,
inspuitpijpje op verstoppingen controleren.
De inspuitrichting is niet instelbaar.